De beste wensen voor het nieuwe jaar
Ik zit op een kamer in een gebouw waar ik niet hoor. Het gebouw waar ik wel hoor is vol. Ik zit op de kamer met een schrijver van functionele ontwerpen. Hij hoort wel in het gebouw, en er komen vandaag mensen bij hem langs om hem het beste te wensen voor het nieuwe jaar.
Als ze mij zien, twijfelen ze: moeten ze mij ook een gelukkig nieuwjaar wensen? Ze weten niet wie ik ben en wat ik in hun gebouw doe, behalve een kostbare werkplek bezet houden.
De score tot nog toe: drie gelukswensen voor het nieuwe jaar, twee keer volledig genegeerd, een keer gewogen en te licht bevonden.
Vanuit mijn raam zie ik de vijver in het kantorenpark weer dichtvriezen.
De klank van de stem van mijn vader
In het eindejaarslijstje van Zidouta stond een link naar een documentaire over de vader van zanger E van Eels, een geeky band waar ik een zwak voor heb omdat het een geeky band is; E gaat op reis om mensen te spreken die zijn vader hebben gekend, en meer dan dat: die mensen leggen hem uit hoe de theorie over paralelle werelden in elkaar zit die zijn vader, Hugh Everett, ooit bedacht.
In het laatste deel van de zes youtube-hapjes luistert E naar bandjes met de stem van zijn vader. Hij aarzelt voor ie het eerste bandje afspeelt, want hij weet niet meer hoe de stem van zijn vader klinkt.
Een paar bandjes verder hoort hij zichzelf als kind drummen in het huis, en dat moment is van een wonderlijke schoonheid.
Ik ben een sucker voor zulke dingen over vaders. Mijn vader was geen natuurkundige met briljante theorieën, hij was een zeeman die op de wal bleef omdat hij bang was dat zijn kinderen hem niet meer zouden kennen als ie te lang op reis was.
Ik weet ook niet meer hoe zijn stem klinkt. De enige bandopname in onze familie is een grijze TDK-cassette geweest waarin mijn tante mijn moeder heeft getaped toen ze vertelde over de ene keer dat mijn vader dronken was, en dat bandje draaiden we soms met kerst. Mijn moeder vertelde lachend hoe mijn vader zijn broek netjes opvouwde - waar hij zijn broek normaal altijd over de stoel gooide.
Het bandje is verloren gegaan, maar mijn vaders stem stond er toch niet op. De enige herinnering die ik heb waarin mijn vader spreekt is een scene op de camping. De familie komt op bezoek, en we staan alleen nog te wachten op tante Annie, de oudste zuster van mijn vader. Neef Frank zegt dat tante Annie in een Opel Kadett rijdt, dat we daar dus naar uitkijken, en mijn vader maakt de flauwe grap: 'Wat? een Opoe Tet?'
Opoe Tet was zo'n familieuitdrukking; ik denk dat het iets betekende als 'slappe ouwehoer'.
Ik heb die herinnering nog vrij duidelijk voor ogen, maar ik heb de klank van zijn stem er niet meer bij.
Planeet vandenb eindejaarseditie
1.
Nou, dat was me het jaartje wel.
2.
Ik heb u doodgegooid en tot verveling gedreven met stukjes over mijn verkering. Soms zat er iets bij dat zelfs een beetje leesbaar was.
Ik kan geen beterschap beloven, sorry.
3.
In 2008 ben ik vrije schrijver geworden: ik heb mijn baan bij het nerdbedrijf opgegeven en ik ben voor mezelf begonnen. Dat is een tijdje goed gegaan, qua inkomen en gelukkig zijn, en daarna is het allebei wat afgezakt. Het teruglopende inkomen had direct te maken met het minder gelukkig zijn, want ik vergat een beetje opdrachten te verzamelen.
Ik heb ervan geleerd: ik weet dat ik niet te veel vrijheid moet hebben. Ik blijf thuiszitten en ik doe niks nuttigs en niks leuks.
Dus ik ben nog steeds vrije schrijver, maar dan wel een vrije schrijver die zichzelf verhuurt aan bedrijven waar geschreven moet worden. Of iets webtechnisch gedaan moet worden. Sinds december zit ik bij een telecommer waar ik vooralsnog voor vier maanden nodig ben, en misschien langer. Naar kantoor! En ik vind het fijn.
4.
Ik heb u niet bepaald verwend met kwantiteit, wat stukjes betreft.
Het vingertoppengevoel dat ik ooit had, iets op straat zien of iets meemaken, hoe klein ook, en daar dan een lap vermakelijke tekst over schrijven, dat ben ik een beetje kwijt, denk ik. Of althans: de zin om hier een lap tekst te schrijven is een beetje weg.
Het komt door het geld. Geld krijgen voor het schrijven van lappen tekst elders, is niet bevordelijk voor de inhoud van uw favoriete weblog.
5.
Bovendien is er Twitter.
Niet dat ik daar heel erg actief ben, maar diverse goeroe's hebben het al gezegd: bloggen is over, minibloggen is het nieuwe ding, en ik kan me daar wel een beetje in vinden. Ik ga de boel hier niet dichtgooien, maar een tekstje als deze is ideaal voor een omgeving als Twitter.
6.
Ik ga het kantoorleven wel blijven combineren met schrijven voor diverse bladen. Ik heb nog steeds een column in literair tijdschrift Passionate, ik kan leuke ideeën kwijt in nrc.next, en af en toe komt er nog een ander blad voorbij. Op waltervandenberg.nl plak ik af en toe een stuk dat ik voor papier schrijf.
7.
Er wordt geschreven aan boek 3. In mei moet ik inleveren. Het wordt mooi.
8.
Er zijn dromen uitgekomen in 2008, en in 2009 ga ik werken aan wat stabiliteit in die dromen.
U wens ik net zoveel geluk.
Zes uur open
Om de hoek zit een broodjeszaak. Zes uur open, staat er op de gevel. Het is een zin die één woord meer nodig heeft om voldoende informatie te geven.
Ik sta tegenwoordig om zes uur op, en om kwart over zes loop ik buiten met Banjer. De broodjeszaak is dan net open. Er staat een blonde vrouw achter de counter die eruitziet alsof ze zou kettingroken als ze geen broodjes zou moeten smeren. En er zitten mannen op de krukken te wachten op de broodjes die ze smeert.
Op straat staan een paar auto's dubbelgeparkeerd. Het zijn auto's van klussers en aannemers. Mannen die om zeven uur beginnen, hun met verf bespetterde radio's op 538 zetten en om vier uur weer naar huis gaan.
Banjer en ik lopen erlangs. Banjer kijkt mij aan en gaapt. Waarom, baas, waarom zo vroeg? Banjer vindt dat ie onaantrekkelijk wordt door de wallen onder zijn ogen.
Tja, zeg ik dan, ik werk in een andere stad, ik ben een uurtje onderweg. Maar kijk deze mannen: die zouden best wat later op kunnen staan en thuis een boterham smeren, maar die kiezen ervoor hier hun Telegraaf te lezen en hun koffie te drinken.
Banjer schudt zijn hoofd in onbegrip, en ik geef 'm geen ongelijk.
Google$
In de krant vandaag stond dat Nederlanders saaie zoekers zijn: er wordt voornamelijk gegoogled op woorden als 'hyves'.
De berichtgeving gaat nogal voorbij aan het feit dat een boel mensen Google tegenwoordig niet meer alleen als zoekmachine gebruiken, maar ook als een soort commandline: Google is de startpagina van hun browser, en als ze daarvandaan naar hyves willen, tikken ze hyves in het zoekveld, en niet in het adresveld van die browser. Ze willen hyves niet vinden, ze willen hyves openen.
Banjer is gay
Banjer is gay.
We hebben een tijdje gedacht dat ie dominant naar andere mannetjes was, dat ie ze daarom wilde, nou ja, bestijgen, maar het is zijn gayness.
Robin doet zijn stem (dat heb je, met huisdieren, dat je als mens de stem van je dier moet doen, want die beesten moeten toch iets zeggen), en dat doet ze precies goed: hij klinkt een beetje als een mietje, met veel verontwaardigde nou!'s.
Hij kan bewonderend naar zichzelf in de spiegel kijken, daarbij zijn allercuteste houding aannemend. Hij vindt alle teefjes volkomen oninteressant, zelfs als ze loops zijn. En bij elk mannetje kwispelt ie een kort, ingehouden maar woest kwispeltje en probeert ze seksueel te benaderen. En echt seksueel -- er is een reutje in de buurt die dat wel ziet zitten, een avontuurtje met Banjer, en dan zie je dat het geen kwestie is van dominantie. Het is lust.
Als het geregend heeft, blijft ie het liefst op het pad, want hij wil niet vies worden; als ie over een plas heen moet springen doet ie dat of ie er punten voor sierlijkheid voor gaat krijgen, en de ene keer dat ie achter een konijn aanging, remde hij toen dat konijn de struiken inschoot -- ieuw, bosjes!
Banjer is gay, en wij hebben het volledig geaccepteerd. Jammer voor hem dat ie van vrijwel elke kerel een knauw krijgt. Honden zijn homofoben.
Samenvatting van Robin
In de hoek van mijn bureaublad, zichtbaar achter de programma's die openstaan, staat nu een bestandje dat heet Samenvatting van Robin.doc.
Ik heb die samenvatting niet gemaakt.
Het is ook niet een samenvatting van Robin in de zin die ik zou willen zien; Robin heeft voor haar studie met de hand een samenvatting van leerstof zitten schrijven, en een studiegenoot heeft die samenvatting in een docje zitten tikken, en heeft 'm zo genoemd. Samenvatting van Robin. Het staat in de hoek van mijn bureaublad omdat ze het hier heeft uitgeprint en ik heb het nog niet weggehaald omdat ik het er leuk vind staan.
Zo ben ik.
Ik laat briefjes die ze schrijft liggen, ik laat foto's die ik al op m'n harde schijf heb op m'n camera staan - ik kom haar heel graag tegen.
Ik ga aan mijn eigen Samenvatting van Robin beginnen als ik een jaar of 85 ben, denk ik. Af en toe een kleine aantekening makend in de tussentijd.
Die kleine aantekeningen bestaan uit stukjes die ik alleen voor haar schrijf. Ze zijn alleen voor haar, maar ze zijn het beste dat ik ooit heb geschreven - en u moet me maar gewoon op mijn woord geloven.
Als ik hier over haar schrijf, voelt het of ik de punt van mijn pen door een roze wolk moet duwen, en dat de punt van die pen het papier nooit helemaal raakt. Ik hou van die roze wolk, en voor u is het waarschijnlijk te veel suiker. Ach - er zijn duizend dingen die ik zou kunnen vertellen om het tastbaarder te maken, om duidelijk te maken waarom ik in die dikke suikerspin lig, maar ze zijn te intiem, en het is jammer voor de andere mensen, maar heel, heel fijn voor ons.
We zijn een jaar en een paar weken samen nu. Ik weet wat verliefdheid is, nu, ik weet wat verslaving is, ik weet wie mijn Grote Liefde is - en dat is vooralsnog mijn Samenvatting van Robin.
Planeet vandenb
1.
Ik ben aan de klus bij een grote telecommer. Mijn telefoon doet het hier vrijwel niet -- ik heb dan ook een abo bij een andere telecommer.
Om bij de telecommer te komen, ben ik een uurtje onderweg. Ik fiets naar het station, ik pak een trein, ik pak nog een trein, ik loop een stukje, en dan ben ik er.
Het lopen vanaf de trein gebeurt in colonne. Er werken ongeveer een miljoen mensen op dit kantoor.
Ja, ik ben gelukkig. Ik heb nut, ik draai mee in de maatschappij.
2.
When it rains, it pours: ik krijg van alle kanten klussen aangeboden, en die neem ik aan ook, want voor je het weet is het oorlog en zit je zo weer zonder.
Probleem daarbij is tijd. Van het weekend zit ik in ieder geval achter de computer.
Dat is een omslagje, na die maanden de schrijver uithangen.
3.
Vanochtend heb ik Banjer naar Robin gebracht, zodat ze samen gezellige meidendingen kunnen doen.
4.
Ik heb zin in een kerstboom. Ik denk dat ie er volgende week komt.
Dat
Dat je iemand belt op z'n mobiel en dat je dan voorgenomen hebt te zeggen: hallo, met Walter, en dat die persoon dan opneemt en zegt: hee Walter!
En dat je dan over je woorden struikelt omdat je mond toch nog hallo met Walter wil zeggen, maar je hoofd iets anders aan het verzinnen is.
Wierook
Joost Brummelkamp doet readings, en Joost heeft een paar mensen gevraagd langs te komen om geread te worden en er dan een stukje over te schrijven, lovend of zeer kritisch, maakt niet uit. Er zijn al een paar mensen voor mij geweest, en die hebben er ook iets over geschreven. Dit is mijn stukje.
Er was dus wel wierook.
Voor ik bij Joost naar binnen stapte, dacht ik ferm: als er gekkigheid als wierook bij komt kijken, ga ik weer naar huis. Maar ik denk altijd iets fermer dan ik uiteindelijk doe, dus toen Joost me naar een kamertje bracht waar dus wel wierook stond te wieroken, ging ik netjes zitten.
Joost legde me uit wat er ging gebeuren, dat ik niet veel anders hoefde te doen dan af en toe mijn naam zeggen als hij erom vroeg.
Ok. Daar haalde ik even diep adem voor. Walter van den Berg. En ik herhaalde het nog een keer in mijn hoofd. Ik vind niets zo raar uit mijn mond klinken als mijn eigen naam. Als ik ooit RTL4-correspondent word ("Dit was Walter van den Berg uit New York"), ga ik nog een probleem kijgen.
Maar goed. Joost begon. Hij was een paar minuten stil, met zijn ogen dicht, en ik dommelde een beetje weg.
'Hallo,' zei Joost toen plotseling, op zo'n zachte, lieve toon dat het leek of er net een Golden-Retrieverpup zijn gedachten in was komen lopen. En hij begon te vertellen wat hij zag.
De dingen die hij zei, klopten. Of althans: voor 70, 80 procent. De rest was niet helemaal accuraat, maar ik zag wel waar ie het vandaan haalde; ik kon me zo'n beetje voorstellen wat hij aan het doen was: abstracte beelden interpreteren, en bij fouten in die interpretatie kon ik een stap terug zetten, zien wat hij ongeveer zou hebben gezien, en de interpretatie opnieuw uitvoeren. Niet bepaald hard science, maar ach.
Toen Joost daarna vroeg of ik iets specifieks wilde weten, had hij een 100 procent score. En hij zei een paar dingen waar ik echt iets aan had.
En al die tijd was Joost steeds puppies aan het verwelkomen in zijn hoofd. Met zijn ogen dicht en een glimlach op zijn gezicht zei hij steeds 'hallooo,' en hopsakee, weer een puppie. Ik werd er blij van.
Maar die wierook, Joost, die wierook.
Grappig
Het ging zo: eerst stond er een stuk in de krant van Arjen van Veelen die stelde dat het woord 'vriend' devalueerde door Hyves, want 251 vrienden hebben, dat sloeg nergens op.
Toen belde de NRC Next mij of ik daar iets slims op wil zeggen, en omdat ik de beroerdste niet ben, tikte ik een stukje waarin ik zeg dat Arjen dat allemaal niet zo serieus moet nemen, want Hyves zit sowieso slecht in elkaar, dus de makers hebben echt niet over het woord 'vriend' nagedacht (aangezien ze dat ook niet over de rest van de site hebben gedaan).
Nu blijken Bright en Hyped aandacht besteed te hebben aan dat stukje, en kijk die reacties: vrijwel iedereen is het met me eens. En dan gaat het vooral over hoe slecht Hyves in elkaar zit; niemand heeft het meer over het woord 'vrienden', waar Arjen van Veelen het om ging. Grappig hoe dat gaat.
Overigens
Overigens is Robin nu ook Harry Potter aan het lezen, aangespoord door haar bff Hilde, die de serie nu in het Frans aan het lezen is omdat ze toch Frans moet leren, dus hatsikidee.
Toen Robin bij deel vier was aanbeland, bevestigde ze mijn theorie wat punt twee betreft: boek vier wijkt af van het stramien, en afwijken van het stramien maakt minder leuk.
Ik vroeg hoe deel vier tot nog toe beviel, en ze zei dat ze er moeilijk in kon komen. 'Ze gaan eerst naar een soort Lowlands voor tovenaars,' vatte ze het tentenkamp bij de Quidditch-wereldbeker samen.
alles © Walter van den Berg.