Hulp nodig
Ik heb uw hulp nodig voor een stukje dat ik moet schrijven voor een mal tijdschrift: ik heb websites nodig die handig/nuttig/leuk zijn voor mensen met geld. U weet wel: mensen niet zoals u en ik.
Alle suggesties zijn welkom in de reacties, en mijn dank is onmeetbaar groot. U bent geweldig.
Update: genoeg suggesties, bedankt! U was inderdaad geweldig.
Young love
Mijn oude moedertje zit in een bejaardenhuis, en ze is daar een tijd ongelukkig geweest, maar nu heeft ze een vriendje.
Het risico van verkering krijgen in het bejaardenhuis is de beperkte houdbaarheidsdatum; haar vriendje is 78, heeft longemfyseem en door de suiker zijn zijn benen niks meer waard. Eigenlijk zouden zijn voeten eraf moeten, maar zijn lichaam zou de narcose niet meer aankunnen.
Mijn oude moedertje zit daarmee, natuurlijk -- heeft ze het geluk gevonden, is het met iemand die er binnenkort wel eens mee op zou kunnen houden.
Van de week zat ze een potje bij hem te huilen, en hij zei dat ze zich geen zorgen moest maken. 'Als ik doodga, ben ik nog steeds bij je. Dan zit ik vanaf een wolkje naar je te zwaaien.'
'Maar dan weet ik toch niet naar welk wolkje ik moet kijken?' snikte mijn oude moedertje daarop.
Dat u het weet
Ik maakte mijn fiets los en naast me maakte iemand zijn fiets vast. 'Obama or McCain?' vroeg hij.
'Sorry?' vroeg ik.
Wie ik zou kiezen, vroeg hij in het Engels. Het was een Fin of een Noor — zo'n hoofd had ie.
Nou, dat lijkt me obvious, zei ik. Ik had geen zin in zo'n gesprek; de kans dat je met een gek te maken had is groot, als iemand je zomaar aanspreekt.
Hij vroeg waarom het obvious was.
Ah, zei ik, je wil een discussie uitlokken.
Ja, zei hij, voor wie zou je kiezen?
Ik zuchtte, en zei Obama, natuurlijk.
Waarom is dat zo natuurlijk? vroeg hij. Heeft de geschiedenis je dan niets geleerd?
Ik pakte mijn fiets en wilde wegrijden.
Over vijftig jaar zijn we allemaal uitgestorven, zei hij.
Wie zijn we?
Wij, zei hij — white men.
Popstars
Ik kan natuurlijk Robin de schuld geven omdat zij ermee begon, en omdat ik graag met haar meedoe (met wat ze ook doet): ze ging Popstars kijken en ik deed mee.
Nu ben ik verslaafd.
Nu denk ik serieus: vrijdagavond nergens heen, want Popstars.
Popstars is natuurlijk een monstruositeit, want ten eerste is het de zoveelste incarnatie van het al verderfelijke Idols (wat weer gebaseerd was op American Idol, geloof ik) en het doet geen enkele moeite de kijker te laten denken dat het een nieuw idee is, en het uiteindelijke doel van het programma is een bandje oprichten dat dan vervolgens liedjes zingt die uit zijn gepoept door een of andere hitmachine. Liedjes die bij voorbaat al verafschuwd worden door de Echte Muziekliefhebber.
En toch ben ik verslaafd.
Ik dacht: ik ga de auditierondes meekijken zodat ik er even flink om kan lachen, want er is een horde van idioten die langskomen om te laten zien dat ze niks kunnen. Dat is overigens ook nog iets: waar komen die mensen elke keer vandaan bij dit soort programma's? Ik ken niemand in mijn omgeving die zich vrijwillig voor gek zou laten zetten, maar bij elke Idolsvariant komen er duizenden mensen op af.
Maar goed: de auditierondes waren inderdaad om te lachen, maar behalve lachen deed ik ook nog iets anders: meeleven.
Ja. Eng, inderdaad.
Bij mensen die het een beetje konden en een beetje leuk overkwamen, dacht ik: goed zo, en: oh, waarom is die jury niet wat aardiger! en: hallo, iedereen kan toch horen dat zij kan zingen?
Ik ben in de emotionele fuik gelopen waar dit soort programma's op draait. Ik ga juichen (bij wijze van spreken) bij de leuke mensen die doorgaan, mijn hoofd schudden bij de stomme mensen die doorgaan, en afscheid nemen van de leuke mensen die afvallen. Ik ga de jury vervloeken en ik ga met mijn favoriete kandidaten meegloeien van trots als er mooie complimenten worden gegeven.
Ik kijk naar Popstars.
En ik ben schrijver als ik vrienden bezoek
Op feestjes mag ik zeggen dat ik schrijver ben, want er liggen twee romans van me in de winkel. Op dezelfde feestjes wordt me dan gevraagd wie mijn favoriete schrijvers zijn, en wat mijn favoriete boeken. (Ik heb drie keer meegemaakt dat iemand zei dat hij/zij zo'n geweldig boek had gelezen, nadat hij zij had gehoord dat ik boeken schreef, en drie keer werd er gezegd dat 'komt een vrouw bij de dokter' echt briljant was, en dat dan op samenzweerderige toon, alsof er net een geheimtip werd gegeven.)
Ik heb een tijdje geprobeerd daar interessante antwoorden op te geven ('ik heb veel van Salinger geleerd'), maar wat een beetje de pest is: ik heb gewoon geen favoriete boeken die heel erg Literatuur (hoofdletter expres en overdreven) zijn.
Het enige boek dat ik meer dan één keer met veel plezier heb gelezen dat wordt beschouwd als Kunst, is Ham on Rye van Charles Bukowski. Bij elk ander literair bedoeld boek dat ik ooit mooi probeerde te vinden, was ik precies daarmee bezig: ik probeerde het mooi te vinden.
Ik was hard aan het werk tijdens het lezen.
Van de week las ik ergens dat een wijs man (geen idee wie) had gezegd dat literatuur lezen ook hard werken was, dat daar niks mis mee was, dat je van literatuur niet hoefde te verwachten dat het makkelijk naar binnen gleed.
Ja, sorry, maar: waarom zou ik dan lezen? Om voortdurend te denken 'kijk mij eens lekker hard werken'?
Kijk: zelf schrijf ik volgens mij best wel literatuur. (Dit is een zin die door Kundige Mannen (en Elsbeth Etty) volledig belachelijk gemaakt gaat worden, mocht ie ooit Kundige Mannen onder ogen komen.) Laat me dat iets duidelijker stellen: mijn boeken zijn geen kasteelromans. Of iets anders dat als niet-literatuur wordt beschouwd. Dus schrijf ik literatuur. (Ja, probeer daar maar eens een speld tussen te krijgen!)
Maar ik heb het idee dat mijn boeken dus wel makkelijk naar binnen glijden.
Dat komt voornamelijk omdat ik nogal filmisch schrijf, denk ik: ik beschrijf wat er gebeurt zonder al te veel binnenwereld te tonen. Maar wat er gebeurt, gebeurt niet zomaar. Voor de lezer die na wil denken, is er genoeg te doen.
Nou: literatuur dus. Hatsee.
Nu wijk ik helemaal af van wat ik wilde zeggen.
O wacht:
Als mensen mij tegenwoordig vragen wat mijn lievelingsboeken zijn, zeg ik: alle Harry Potters. (Volgens mij vind ik The Prisoner of Azkaban het mooiste, maar dat maakt even niet uit.)
Dan moet je de geschokte gezichten zien!
Hier staat een schrijver, en hij zegt dat Harry Potter! Alle! Z'n lievelingsboeken!
Ik ben deze week mijn keuken aan het schoonmaken (dat mag, na vijf jaar wonen), en ik heb de Harry Potters als luisterboeken op mijn iPod staan. En sjesus, wat is dat goed.
Ik geloof dat ik dit stukje begon met het idee te vertellen waarom de Harrys zo goed zijn, maar dat vertel ik dan wel een andere keer.
Wat ik nu wil vertellen (omdat het anders zo'n stuurloos stukje wordt): ik ben toch een malle jongen, hè. Een beetje literatuur schrijven (zie hierboven twee onweerlegbare argumenten waarom het literatuur is en lees voor het gemak dan ook even de recensies van m'n laatste boek, dan ziet u dat ik niet de enige ben die het vindt) maar zelf literatuur een beetje stom vinden. Ja; een malle jongen.
(Als naschrift: natuurlijk zijn er literaire schrijvers waar ik heel erg van kan genieten, zoals toch Salinger, Carver, Tobias Wolff, Douglas Coupland, maar ook als ik hen lees, heb ik voortdurend in mijn achterhoofd een stemmetje dat zegt: zo, jij bent literatuur aan het lezen zeg! Pas als ik dat stemmetje niet hoor, geniet ik volledig.)
Als dat allemaal mogelijk is
Af en toe slinger ik photoswap op mijn iPhone aan en ik maak dan een nietszeggende foto van Banjer of van de hoek van de woonkamer en ik krijg dan een nietszeggende foto terug van iemand, en ik vind het pas leuk om foto's te krijgen van iemand die zijn gps dan aan heeft gezet. Ik word blij van het knopje 'show on map'. Vanochtend kreeg ik een foto van een Japanner, en Google Maps toonde een plek in Japan. Vet!
Op de foto van de Japanner stond een hondje, een Franse Bulldog, en ik maakte een foto van Banjer voor hem. Zo ging dat een paar keer heen en weer, Franse Bulldog, Banjer, tot ik een foto van Banjer in het park maakte. Toen kreeg ik niks meer terug.
Toen bedacht ik me dat ik hem vreselijk beledigd had met al dat gras: in Japan heb je natuurlijk helemaal geen gras om je hond op uit te laten.
Geen zorgen
In het park stond een man op een evenwichtsbalk de oefeningen te doen die de Karate Kid van Mr. Miyagi moet doen als ie op de plecht van het roeibootje staat.
Ik bleef er even naar kijken.
De man was de karatekidgerechtigde leeftijd al ver voorbij.
Hij knikte naar me, tussen de oefeningen door, en ik knikte terug.
Vijftig meter verder was een vrouw met een hondje achterwaartse sprongetjes aan het maken. Ik dacht eerst dat ze de sprongetjes voor het hondje maakte, kom hondje, we gaan spelen — maar de sprongetjes maakte ze voor zichzelf, want haar hondje negeerde haar, een beetje beschaamd.
Banjer rook aan de kont van het hondje, het hondje rook aan Banjers kont, en samen keken ze naar de achterwaarts springende vrouw. Ik weet het, zei het hondje.
Ik zeg niks, zei Banjer, en liep naar mij toe.
Samen liepen we het park uit. Als jij ooit zo gaat doen, loop ik weg, zei Banjer.
Ik zei dat hij zich geen zorgen hoefde te maken.
Tekort
Ik begin een soort block te ontwikkelen voor vandenb.com, maar verder gaat het heel goed hoor, het schrijven. Ik heb bijna een novelle af die niemand gaat lezen (een opdracht als relatiegeschenk), het derde boek gaat heel goed (ik heb er alweer een tijdje niet aan geschreven door die opdracht maar het broeit lekker), en ik heb volgens mij best een leuke serie open brieven voor de Next geschreven.
Maar hier valt het zo droog. Verdikkie.
Dat komt deels door mijn saaie leven — vroeger ging ik naar kantoor en kon ik over kantoordingen of onderwegdingen schrijven, maar tegenwoordig zie ik geen triestheid meer. Ik slaap uit, beetje schrijven, beetje sportschool, beetje sociaal leven, veel Robin, en ik ben zo gelukkig. Geen triestheid meer in mijn leven. En daar dreef dit weblog op.
Ik moet dus een nieuwe modus vinden, een andere insteek waar iets interessants uit te halen is. Of gewoon iets waar lullige stukjes over te schrijven zijn.
En godver, weer zo'n metastukje waar u niets aan heeft.
Nou ja, dat u wel weet dat ik weet dat ik u ernstig tekort doe.
De beste baas ter wereld
Als we voor de laatste keer uit zijn geweest, gaat Banjer eerst rechtop in zijn mand zitten en dan kijkt hij me aan: zullen we het vandaag overslaan, baas?
Maar dan zeg ik nee, we slaan het niet over vandaag, kom maar hiernaartoe, en dan komt ie, en dan gaat ie netjes zitten.
Ik knijp dan een beetje hondentandpasta op de hondentandenborstel, en die tandpasta smaakt naar kip, en dat is het enige beetje plezier dat Banjer beleeft aan de poetsbeurt; ik pak eerst zijn voortanden, en daar zit dan een flinke klodder kippasta op, en zijn tong komt dan naar buiten en terwijl die tong de pasta opslobbert, doe ik zijn hoektanden en zijn kiezen, en eigenlijk gaat dat heel goed. Hij beschouwt het niet meer als straf, denk ik, maar heel erg geweldig vindt ie het nog niet.
En zoals dat met honden gaat: als je ophoudt met iets dat niet leuk is, is Banjer ontzettend dankbaar als we klaar zijn. Oh je bent echt de beste baas ter wereld!
alles © Walter van den Berg.