1.
Nou, dat was me het jaartje wel.
2.
Ik heb u doodgegooid en tot verveling gedreven met stukjes over mijn verkering. Soms zat er iets bij dat zelfs een beetje leesbaar was.
Ik kan geen beterschap beloven, sorry.
3.
In 2008 ben ik vrije schrijver geworden: ik heb mijn baan bij het nerdbedrijf opgegeven en ik ben voor mezelf begonnen. Dat is een tijdje goed gegaan, qua inkomen en gelukkig zijn, en daarna is het allebei wat afgezakt. Het teruglopende inkomen had direct te maken met het minder gelukkig zijn, want ik vergat een beetje opdrachten te verzamelen.
Ik heb ervan geleerd: ik weet dat ik niet te veel vrijheid moet hebben. Ik blijf thuiszitten en ik doe niks nuttigs en niks leuks.
Dus ik ben nog steeds vrije schrijver, maar dan wel een vrije schrijver die zichzelf verhuurt aan bedrijven waar geschreven moet worden. Of iets webtechnisch gedaan moet worden. Sinds december zit ik bij een telecommer waar ik vooralsnog voor vier maanden nodig ben, en misschien langer. Naar kantoor! En ik vind het fijn.
4.
Ik heb u niet bepaald verwend met kwantiteit, wat stukjes betreft.
Het vingertoppengevoel dat ik ooit had, iets op straat zien of iets meemaken, hoe klein ook, en daar dan een lap vermakelijke tekst over schrijven, dat ben ik een beetje kwijt, denk ik. Of althans: de zin om hier een lap tekst te schrijven is een beetje weg.
Het komt door het geld. Geld krijgen voor het schrijven van lappen tekst elders, is niet bevordelijk voor de inhoud van uw favoriete weblog.
5.
Bovendien is er Twitter.
Niet dat ik daar heel erg actief ben, maar diverse goeroe's hebben het al gezegd: bloggen is over, minibloggen is het nieuwe ding, en ik kan me daar wel een beetje in vinden. Ik ga de boel hier niet dichtgooien, maar een tekstje als deze is ideaal voor een omgeving als Twitter.
6.
Ik ga het kantoorleven wel blijven combineren met schrijven voor diverse bladen. Ik heb nog steeds een column in literair tijdschrift Passionate, ik kan leuke ideeën kwijt in nrc.next, en af en toe komt er nog een ander blad voorbij. Op waltervandenberg.nl plak ik af en toe een stuk dat ik voor papier schrijf.
7.
Er wordt geschreven aan boek 3. In mei moet ik inleveren. Het wordt mooi.
8.
Er zijn dromen uitgekomen in 2008, en in 2009 ga ik werken aan wat stabiliteit in die dromen.
U wens ik net zoveel geluk.
Om de hoek zit een broodjeszaak. Zes uur open, staat er op de gevel. Het is een zin die één woord meer nodig heeft om voldoende informatie te geven.
Ik sta tegenwoordig om zes uur op, en om kwart over zes loop ik buiten met Banjer. De broodjeszaak is dan net open. Er staat een blonde vrouw achter de counter die eruitziet alsof ze zou kettingroken als ze geen broodjes zou moeten smeren. En er zitten mannen op de krukken te wachten op de broodjes die ze smeert.
Op straat staan een paar auto's dubbelgeparkeerd. Het zijn auto's van klussers en aannemers. Mannen die om zeven uur beginnen, hun met verf bespetterde radio's op 538 zetten en om vier uur weer naar huis gaan.
Banjer en ik lopen erlangs. Banjer kijkt mij aan en gaapt. Waarom, baas, waarom zo vroeg? Banjer vindt dat ie onaantrekkelijk wordt door de wallen onder zijn ogen.
Tja, zeg ik dan, ik werk in een andere stad, ik ben een uurtje onderweg. Maar kijk deze mannen: die zouden best wat later op kunnen staan en thuis een boterham smeren, maar die kiezen ervoor hier hun Telegraaf te lezen en hun koffie te drinken.
Banjer schudt zijn hoofd in onbegrip, en ik geef 'm geen ongelijk.
In de krant vandaag stond dat Nederlanders saaie zoekers zijn: er wordt voornamelijk gegoogled op woorden als 'hyves'.
De berichtgeving gaat nogal voorbij aan het feit dat een boel mensen Google tegenwoordig niet meer alleen als zoekmachine gebruiken, maar ook als een soort commandline: Google is de startpagina van hun browser, en als ze daarvandaan naar hyves willen, tikken ze hyves in het zoekveld, en niet in het adresveld van die browser. Ze willen hyves niet vinden, ze willen hyves openen.
Banjer is gay.
We hebben een tijdje gedacht dat ie dominant naar andere mannetjes was, dat ie ze daarom wilde, nou ja, bestijgen, maar het is zijn gayness.
Robin doet zijn stem (dat heb je, met huisdieren, dat je als mens de stem van je dier moet doen, want die beesten moeten toch iets zeggen), en dat doet ze precies goed: hij klinkt een beetje als een mietje, met veel verontwaardigde nou!'s.
Hij kan bewonderend naar zichzelf in de spiegel kijken, daarbij zijn allercuteste houding aannemend. Hij vindt alle teefjes volkomen oninteressant, zelfs als ze loops zijn. En bij elk mannetje kwispelt ie een kort, ingehouden maar woest kwispeltje en probeert ze seksueel te benaderen. En echt seksueel -- er is een reutje in de buurt die dat wel ziet zitten, een avontuurtje met Banjer, en dan zie je dat het geen kwestie is van dominantie. Het is lust.
Als het geregend heeft, blijft ie het liefst op het pad, want hij wil niet vies worden; als ie over een plas heen moet springen doet ie dat of ie er punten voor sierlijkheid voor gaat krijgen, en de ene keer dat ie achter een konijn aanging, remde hij toen dat konijn de struiken inschoot -- ieuw, bosjes!
Banjer is gay, en wij hebben het volledig geaccepteerd. Jammer voor hem dat ie van vrijwel elke kerel een knauw krijgt. Honden zijn homofoben.
In de hoek van mijn bureaublad, zichtbaar achter de programma's die openstaan, staat nu een bestandje dat heet Samenvatting van Robin.doc.
Ik heb die samenvatting niet gemaakt.
Het is ook niet een samenvatting van Robin in de zin die ik zou willen zien; Robin heeft voor haar studie met de hand een samenvatting van leerstof zitten schrijven, en een studiegenoot heeft die samenvatting in een docje zitten tikken, en heeft 'm zo genoemd. Samenvatting van Robin. Het staat in de hoek van mijn bureaublad omdat ze het hier heeft uitgeprint en ik heb het nog niet weggehaald omdat ik het er leuk vind staan.
Zo ben ik.
Ik laat briefjes die ze schrijft liggen, ik laat foto's die ik al op m'n harde schijf heb op m'n camera staan - ik kom haar heel graag tegen.
Ik ga aan mijn eigen Samenvatting van Robin beginnen als ik een jaar of 85 ben, denk ik. Af en toe een kleine aantekening makend in de tussentijd.
Die kleine aantekeningen bestaan uit stukjes die ik alleen voor haar schrijf. Ze zijn alleen voor haar, maar ze zijn het beste dat ik ooit heb geschreven - en u moet me maar gewoon op mijn woord geloven.
Als ik hier over haar schrijf, voelt het of ik de punt van mijn pen door een roze wolk moet duwen, en dat de punt van die pen het papier nooit helemaal raakt. Ik hou van die roze wolk, en voor u is het waarschijnlijk te veel suiker. Ach - er zijn duizend dingen die ik zou kunnen vertellen om het tastbaarder te maken, om duidelijk te maken waarom ik in die dikke suikerspin lig, maar ze zijn te intiem, en het is jammer voor de andere mensen, maar heel, heel fijn voor ons.
We zijn een jaar en een paar weken samen nu. Ik weet wat verliefdheid is, nu, ik weet wat verslaving is, ik weet wie mijn Grote Liefde is - en dat is vooralsnog mijn Samenvatting van Robin.
1.
Ik ben aan de klus bij een grote telecommer. Mijn telefoon doet het hier vrijwel niet -- ik heb dan ook een abo bij een andere telecommer.
Om bij de telecommer te komen, ben ik een uurtje onderweg. Ik fiets naar het station, ik pak een trein, ik pak nog een trein, ik loop een stukje, en dan ben ik er.
Het lopen vanaf de trein gebeurt in colonne. Er werken ongeveer een miljoen mensen op dit kantoor.
Ja, ik ben gelukkig. Ik heb nut, ik draai mee in de maatschappij.
2.
When it rains, it pours: ik krijg van alle kanten klussen aangeboden, en die neem ik aan ook, want voor je het weet is het oorlog en zit je zo weer zonder.
Probleem daarbij is tijd. Van het weekend zit ik in ieder geval achter de computer.
Dat is een omslagje, na die maanden de schrijver uithangen.
3.
Vanochtend heb ik Banjer naar Robin gebracht, zodat ze samen gezellige meidendingen kunnen doen.
4.
Ik heb zin in een kerstboom. Ik denk dat ie er volgende week komt.
alles © Walter van den Berg.