Toen kwamen de vrouwen

In mijn pauze maakte ik een rondje. Tijdens het rondje belde ik met Robin.
We hadden het over dingen, en ik onderbrak de dingen omdat ik een moedereend met negen kleintjes zag.
De moedereend wilde de drukke weg die langs het kantorencomplex loopt, oversteken. Ze kwam van de vijver die voor gebouw zes ligt. Ik zei het tegen Robin.
Ik ging maar een beetje voor de moedereend staan en we praatten verder over de dingen, en ondertussen deed ik verslag: nu wil ze links om me heen, nu wil ze rechts om me heen.
Ik nam het besluit dat ik de moedereend maar moest helpen de drukke weg over te steken, zei Robin gedag en hing op.

Er reden auto's met zeventig per uur over de drukke weg. Samen gingen we richting asfalt: moedereend, negen kleintjes en ik. Ik begon met het opsteken van mijn hand en zette één voet op het asfalt.

Toen kwamen De Vrouwen.
De Vrouwen kwamen van mijn kantoor.
Ze doken de weg op met gespreide armen. Ze gilden en ze lachten en ze waren opgewonden.
Eén vrouw nam de leiding. Waarschijnlijk had ze die op kantoor ook.
Auto's kwamen tot stilstand voor de vrouwen. Ik stond nog half op de stoep en ik keek naar de moedereend.
'Meneer,' riep de vrouw die de leiding had genomen, 'helpt u óók even?'
De moedereend keek even naar mij. 'Ik weet het,' zei ze. En ze hupte van de stoep het asfalt op, en de negen kleintjes volgden.

# | Tien reacties | 26 Mei 2009

Planeet vandenb: De Stoet

1.

Ik kan heel slecht tegen mensen zonder kin. Ik vind een kin vrij essentieel in een gezicht, en bij afwezigheid van een kin, denk ik dan: koop een kin. Doe er iets aan.
Dat is niet aardig van mij, natuurlijk.

In De Stoet, die 's ochtends van het stationnetje naar kantoor stroomt, loopt vaak een meisje zonder kin. Haar kinloosheid irriteert me zo dat alles aan haar me irriteert. Ze heeft een tas die me irriteert, ze heeft kleren aan die me irriteren en ze heeft een heel grote koptelefoon op haar hoofd en die irriteert me mateloos (en dat zeg ik anders nooit, 'mateloos').(Robin heeft een koptelefoon die heel cool is, maar de kans is groot dat ik die koptelefoon cool vind bij haar omdat zij heel knap is (en daarbij een heel erg goeie kin heeft).)

Ik word onrustig als het meisje zonder kin vlak voor me loopt in De Stoet. Ik wil er dan voorbij, want ik wil er niet meer naar kijken.

Nee, dat is helemaal niet aardig van mij.

In De Stoet erger ik me ook vaak aan een man met een dikke kont. De man met de dikke kont draagt spijkerbroeken die zijn kont extra dik maken, en een net te kort jasje. En alles ziet eruit alsof zijn moeder het voor hem heeft gekocht.
En dan rookt hij ook nog.
Roken is stom en redelijk verwerpelijk, maar iedereen heeft als kind wel eens gedaan alsof hij rookte omdat het er stiekem best cool uitzag.
Bij de man met de dikke kont niet.
Het is volkomen misplaatst.

Ik zou me niet moeten ergeren aan de uiterlijkheden van mensen. Ik weet het. Maar ik kan er niks aan doen.

2.

En wat is de deal met die handtassen die in de oksel van de elleboog gedragen moeten worden? Dat je zo'n groepje meisjes voorbij ziet gaan en dat ze dan hun armen haaks gebogen houden en zo hun handtas meezeulen?
Ook in De Stoet: een miep die twee handtassen op die manier meedraagt, en in één van die twee zit een laptop. Iedereen hier werkt op laptops. En de tas die zij in haar linkerelleboogoksel heeft hangen, is groot genoeg en ziet er zwaar genoeg uit om een laptop in zich te hebben.
Wanneer is die afspraak gemaakt, dat vrouwen hun tassen zo zijn gaan dragen?

3.

De Stoet splitst zich. We lopen vanaf het stationnetje door een parkje, en aan het eind van dat parkje gaat 60 procent naar links (en ik hoor bij die 60 procent) en veertig procent gaat naar rechts.

Er zijn dagen dat ik bij die veertig procent zou willen horen. Die veertig procent doet namelijk echt iets.
Ik weet niet zo goed wat er gebeurt op het kantoor waar ik zit, maar in het gebouw waar de veertig procent heengaat, Gebeurt Echt Iets.

Dan loop ik mee met De Stoet en dan zie ik 'm splitsen en dan denk ik: ik wou dat ik iets kon. Dat ik echt iets had geleerd.
Dan zou ik mee kunnen splitsen met de net wat knappere mensen, allemaal beter gekleed, geen onkinnen, geen dikke konten in verkeerde spijkerbroeken, allemaal zinvol werk.

4.

De zestig procent zwermt uit tussen de gebouwen op ons complex. Het meisje zonder kin gaat naar gebouw zeven, de miep met de tassen in de elleboogoksels naar zes, net als de man met de dikke kont in de verkeerde spijkerbroek, en kijk: daar gaat de lange kale man die op sommige dagen iets zinvollers had willen doen. Hij loopt met licht hangende schouders naar gebouw tien.

# | Elf reacties | 18 Mei 2009

Planeet vandenb

1.

Ik ben dus aan het hardlopen.
Mensen die ooit gym met me hebben gehad, schudden nu hun hoofd. Meewarig, heet dat dan.
Ik denk niet dat ik het ooit echt ga kunnen, dat hardlopen: ik verzuur na twee minuten omdat mijn benen gekke dingen doen. Ik probeer ze iets minder gek te laten doen, maar vooralsnog lukt dat niet.
Ik blijf wel stug doorgaan.

2.

Op de sportschool stapte het harige mannetje de sauna in, en hij had de geschoren kraag weer.

3.

Als je in de trein opstaat en de coupé uitloopt, dan heb je in de dubbeldekkers van die glazen klapdeurtjes. Zo'n deurtje hou je open als er iemand achter je aankomt. Die persoon neemt dan het openhouden van je over, en na een seconde gedeeld openhouden laat je die deur los.
Vanochtend stond ik het deurtje open te houden en moest ik wachten omdat het balkon al vol was, maar ik was wel zover het balkon op dat ik echt voorbij het deurtje was. Maar er stond iemand in de opening van het deurtje en hij was niet van plan het openhouden over te nemen. Dat duurde zeker acht tellen.
Acht tellen die een eeuwigheid leken.

# | Twee reacties | 14 Mei 2009

lachfilms over mannenvriendschappen

Zaterdag hing ik met vriend M. in het Westerpark. We hadden het hangen tot een kunstvorm verheven: we zaten onderuit aan een picknicktafel voor een hippe koffietent en we zeiden niets en het was goed zo.
De jongen van de hippe koffietent had cappucino's gemaakt. Hij had dat weer tot kunst verheven; het schenken van de opgeklopte melk had het midden gehouden tussen hart voor zijn vak en aanstellerij.

M. was even opgestaan om wat jongens aan een andere tafel aan te spreken, maar hij was onverrichter zake teruggekomen. Niemand kon.
Ik gaf M. het nummer van Jan, maar Jan kon ook niet.

Toen de cappucino op was, liepen we het gras op. Er stonden een paar jongens in te spelen, de bal een beetje over en weer schietend.
We keken er een paar tellen naar.
Een jongen in een Chelseashirt zette een stap naar ons toe en vroegen of we mee wilden doen.
M. zei dat ie eigenlijk mensen kwam ronselen.
De jongen met het Chelseashirt kon.

's Avonds gingen we naar de film. M. was nog gaan sporten en ik was naar huis gegaan maar we wilden nog iets doen; mijn verkering was in Brabant en het ding van M. was iets aan/uit-achtigs; hij had vrijdag nog met haar op de bank gehangen.
Voor de lichten uitgingen hadden het over de nieuwe trend: lachfilms over mannenvriendschappen en dat we dat maar een beetje stom vonden. Toen gingen de lichten uit en kwam er een trailer van een lachfilm over mannenvriendschappen en we lachten hard en we spraken af dat we die ook gingen zien.

Zondag stond ik het op het kruispunt. Ik had een bos bloemen in mijn hand, want het was moederdag. Aan de overkant toeterde een auto: M., op weg naar de wedstrijd. Ik stak mijn hand op en ik mimiekte 'winnen, hè.'

Maandag zat ik op kantoor. Ik stuurde M. een mailtje, vroeg of ze gewonnen hadden, en of die jongen in het Chelseashirt nog een beetje goed had gespeeld.
'Ankaraspor met 4-1 het bos ingestuurd,' mailde hij terug. En de jongen met het Chelseashirt was een showboat, met pirouettes en hakjes, maar hij had goed gespeeld.

# | Drie reacties | 11 Mei 2009

Wel mee

Vanochtend had ik weer een oogcontactmoment met de touringcarchauffeur, en ik besloot 'm een goeiemorgen te wensen.
Ik kreeg een heel vriendelijke goeiemorgen terug.
Ik denk dat het een kwestie van tijd is voor ik mee mag met de bus.

# | Drie reacties | 05 Mei 2009

Nerdkwartiertje: Accidental Empires

Het boek dat ik nu aan het lezen ben is volkomen nutteloos. Als in: nu. Accidental Empires gaat over de mensen die ervoor gezorgd hebben dat we nu allemaal een computer op ons bureau hebben staan (of op schoot hebben liggen), en dat is heel leuke kost voor rare mensen zoals ik die meta-geinteresseerd zijn in dat soort nerdige dingen, maar: het is geschreven in 1992. In 1992 bestond, inderdaad, Windows 95 nog niet eens.

Het is bijna niet meer voor te stellen, maar ooit waren computers dingen die een zwart scherm lieten zien en een knipperende cursor in de linkerbovenhoek waar je een commando in kon tikken. 'Computerles' op de middelbare school bestond uit dat soort commando's uit je hoofd leren, en ik vond er geen flikker aan.

Nu vind ik dat onbegrijpelijk van mezelf: waarom was ik me toen niet bewust van het feit dat ik de begindagen van de PC meemaakte!
Nou ja — ik was me ook niet bewust van het feit dat broeken met hoog water mode waren (en dat dat later belachelijk zou zijn).

Accidental Empires vertelt over die tijd: computers die het nog zonder harde schijf deden, Bill Gates die slinks DOS koopt om het flink uit te baten, Steve Jobs in zijn eerste periode bij Apple; heerlijk spul. Voor meta-geinteresseerde semi-nerds.

En wat dan heel grappig is: de voorspellingen die schrijver Robert Cringely doet. Apple is in 1991 aan het onderhandelen met IBM om hun grootste softwareleverancier te worden, met in het achterhoofd het idee (volgens Cringely) dat het nooit wat gaat worden met hardware voor Apple, en helemaal terecht natuurlijk, want tegen het jaar 2000 zullen er helemaal geen computers meer zijn; alles wat overblijft zijn chips in polshorlogegrote apparaten en toetsenborden zijn dan overbodig, want spraakherkenning heeft alle invoer overgenomen.

Ergens in het navigatieblok rechts hier heb ik dingetje toegevoegd met 'nu aan het lezen,' heel webloggerig. Als je via die link op Amazon bestelt (hoewel ik het me bijna niet voor kan stellen; echt, je wil dit boek niet lezen), krijg ik er geld voor, geloof ik.

# | Acht reacties | 04 Mei 2009

alles © Walter van den Berg.

Mijn krenten in uw pap