vandenb.com // Walter van den Berg


Ik ga een lelijk woord gebruiken

Om centjes te verdienen doe ik aan werken, en mijn werk op dit moment is — ik ga een lelijk woord gebruiken — contentmarketing. Ik schrijf lappen tekst om de (potentiële) klanten van mijn opdrachtgever te laten zien dat mijn opdrachtgever goed is in wat ie doet. Soms kan je met (sorry) content echt iets doen, waardevolle informatie overbrengen waar je je klant mee helpt, en soms bied je ontspanning aan.

Die ontspanning is ruis, maar ruis heeft ook een functie: het is een smeermiddel. Je laat zien dat je een leuk bedrijf bent met slimme ideeën, en als je slaagt in je opzet, willen je klanten bij je horen.

De mensen van Slack hebben iets heel knaps gedaan: een stinkend goeie podcast vol ruis gemaakt, en nu wil ik Slack gebruiken. Slack is een website of app waarop je inlogt met andere mensen waar je mee werkt, en op die website/app kan je bijhouden waar je samen aan werkt. Probleem: ik werk niet samen met mensen die Slack gebruiken.

Dat probleem terzijde: potdomme, wat een slim idee van Slack. Om de hipste ‘drager van content’ (hierna hou ik op hoor) te gebruiken om te zorgen dat mensen je product willen, zonder daar ook maar één keer naar te hoeven refereren.

Geen reacties | Link | 3 juli 2015 | Categorie:







The Untold Story of Silk Road

Episch stuk in WIRED over de speurtocht naar de oprichter van Silk Road. Nu in het nieuws met de veroordeling.

Just then the front door burst open, knocked off its hinges by a SWAT team wielding a battering ram. Quickly the house was flooded by cops in riot gear and black masks, weapons at the ready. There was Green, covered in cocaine and flanked by two Chihuahuas.

De link: Silk Road: The Untold Story.

Geen reacties | Opgeslagen onder:

Tilde.club

Ik zit op tilde.club. Daar gaan ter wereld maar een paarduizend harten sneller van kloppen, en de kans dat uw hart daarbij zit, is erg, erg klein. Maar toch ben ik er trots op.

Een paar weken geleden was er wat onrust in Social Media-wereld: een paar mensen hadden Ello.co opgezet, lekker bare bones, uit onvrede met bestaande instituten, yada yada yada, en uit onvrede met die onvrede zette Paul Ford (ik heb hem laatst zijn eigen tag gegeven) en dan echt bare bones. Hij gaf 73 dollar uit voor een virtuele server en zei op twitter dat hij shell-accounts gaf aan iedereen die hem een mailtje stuurde.

Ik zat bij de eerste 400 nerds, en nu is er een enorme wachtlijst.
Af en toe SSH ik naar de server, strooi een beetje onhandig met commando’s, log in op de IRC, en zie dat er geen zak te doen is.
Maar toch vind ik mezelf heel, heel cool.

Geen reacties | Link | 13 oktober 2014 | Categorie:

This is Phil Fish

Ooit, in een ver verleden, was dit weblog hot en kwamen er veel mensen en alleen al daarom deden sommige mensen heel vervelend. De video achter de link gaat over dat verschijnsel, soort van.
Verder gaat het over Phil Fish, en ik vind Phil mateloos fascinerend. En cool.

Using Phil Fish, the person responsible for critically acclaimed indie game Fez, this video by Ian Danskin explores what it means to be internet famous, something everyone who writes/creates/posts/tweets online has experienced to some extent.

De link: This is Phil Fish.

Geen reacties | Opgeslagen onder:

Als je twee dagen lang alles ‘liket’

Beangstigend verslag.

After checking in and liking a bunch of stuff over the course of an hour, there were no human beings in my feed anymore. It became about brands and messaging, rather than humans with messages.

De link: I Liked Everything I Saw on Facebook for Two Days. Here’s What It Did to Me | Gadget Lab | WIRED.

Geen reacties | Opgeslagen onder:

Grote platen bij elk artikel

Digiday heeft een klaagstukje over de grote platen die op hippe sites boven elk artikel staan:

Sites like Medium have all created desktop designs with large, gigantic images that largely obscure the content below them. Visit these sites from social media, and prepare to scroll to actually see written content.

Maar er wordt in het stuk net iets te weinig stilgestaan bij hoe mensen tegenwoordig binnenkomen op een website: direct op artikelniveau (via links in social media/nieuwsbrieven). De homepage wordt overgeslagen, dus ik begrijp de behoefte elk artikel aan te laten voelen als de/een homepage.

De link: Why article pages are going big on photos | Digiday.

Geen reacties | Opgeslagen onder:

Oud op internet

Beeld: Au RevoirIn de coffeecompany op het Spui stonden twee jongens achter de toonbank. “Kijk”, zei de ene met de baard, “allemaal snapchats.” Hij vertelde verhalen over een schoolfeest, en hij illustreerde ze met snapchats op zijn telefoon (“kijk, er was een doedelzak”). Ik was at a loss; Snapchat was toch een app waarmee je elkaar tekst en foto’s kon versturen die dan onmiddellijk weer verdwenen? Dat had ik er althans over gelezen – ik heb snapchat verder volkomen genegeerd.

Ik ben namelijk een oude man op Het Internet.

Lees verder op Bright Ideas.

Geen reacties | Link | 9 juni 2014 | Categorie:

Kijken hoe andere mensen gamen

Als ik honderd mensen over Twitch.tv vertel, zullen negentig mensen me glazig aankijken. Twitch laat games zien terwijl ze gespeeld worden. Je volgt de handelingen van een gamer terwijl hij/zij bezig is, en die gamer heeft een headset op en praat tijdens het gamen al dan niet nerveus in de microfoon. En als dat nog niet genoeg input is: kijkers leveren in een box op het scherm een voortdurende stroom aan commentaar.

De Playstation de kast in

De PlayStation hier in huis is de kast in gegaan toen ik Grand Theft Auto 5 en The Last of Us had uitgespeeld; ik speel eens per half jaar een goeie game helemaal uit, en de volgende game die ik ga spelen is waarschijnlijk Watchdogs (als die game ooit daadwerkelijk uitkomt).

Sterven voor een blik bonen

Gevonden op http://dayzblog.net/Er zijn een aantal games die ik zou spelen als ik geen leven had: DayZ bijvoorbeeld. In DayZ (rijmt op Jay-Z) loop je rond door een grote postapocalyptische Sovjet-republiek, en je bent er niet alleen. Er lopen een paar zombies rond, en die zijn gevaarlijk, maar het echte gevaar komt van andere spelers: iedereen wil hebben wat jij hebt, al is het maar een blik bonen. Ze vermoorden je ervoor, en als je dood bent, ben je ook echt dood. Dat blik bonen ben je kwijt, maar ook je hele uitrusting (als het je was gelukt die te verzamelen: meestal ben je binnen een uur dood).

DayZ is typisch zo’n game die een enorme investering van tijd nodig heeft om er een beetje plezier aan te beleven, en ik kies ervoor mijn tijd te besteden aan andere dingen.

Gelukkig is er Twitch

Gelukkig is er Twitch.tv. Zo nu en dan start ik de Twitch-app op mijn iPhone op, navigeer naar het DayZ-kanaal, en ik kijk een paar minuten mee met een gamer.

Waarschijnlijk is dat niet het gedrag dat Twitch.tv verwacht: ze willen natuurlijk dat je een gebruikers-id aanmaakt, inlogt, en mee gaat schreeuwen in de commentaarbox. Nou ja; dat soort klanten hebben ze al genoeg.
Website Quartz legt het simpel uit: Last year, some 15 million people watched Major League Baseball’s World Series. More than twice as many watched the Season 3 World Championship of League of Legends, a multiplayer online game set in a fantasy world, on Twitch.tv.

Daarom is Twitch.tv interessant voor iedereen die geld verdient op de advertentiemarkt, en daarom gaan de geruchten dat Googles YouTube een miljard dollar heeft uitgegeven om Twitch te kopen.

Het is ondertussen een bekend verhaal: in de gamewereld gaat ondertussen meer geld om dan in de filmwereld. En nu gaat het kijken naar games ook geld opleveren. In ieder geval voor de oprichters van Twitch.tv.

Geen reacties | Link | 19 mei 2014 | Categorie:

SEO-god

Ik ben een SEO-god. Dat is nogal hoog van de toren geblazen, maar ik kan er niets aan doen. Ik heb ooit een paar magische trucjes geleerd over Search Engine Optimization, het opkalefateren van een webpagina zodat ie hoog scoort bij Google als je zoekt op een bepaald onderwerp. Die trucjes strooi ik rond, en mijn pagina’s scoren als een tiet. And I love it.

Maar ik voel me wel belazerd door Google.

Dat komt door twee dingen:

  • als gebruiker vind je steeds slechter wat je echt zoekt
  • Google doet net of SEO niet omgeven is door een sluier van geheimzinnige algoritmes.

Iets nuttigs vinden: neuh

Kwalitatief zoeken wordt steeds lastiger. Ik was ooit een ster in Dingen Vinden, maar ik moet steeds vaker twee of drie pagina’s hits op Google door klikken voor ik echt heb gevonden wat ik zoek.

Ik heb daar een privé mening over (mooi kut), maar van negen tot vijf weegt mijn zakelijke mening zwaarder: lekker hoor! Want als anderen kunnen scoren met pagina’s waar je niets aan hebt, kan ik het ook.

Wij zijn niet geheimzinnig hoor

Google doet net of ze niet geheimzinnig doen over SEO. Ben je gek, er zijn geen magische trucjes die werken, schrijf een pagina die stinkend goed is en je wordt vanzelf gevonden. En stinkend goed betekent in dit geval: een pagina die echt ergens over gaat.

Dat is gelul.

Wat Google zelf zegt

Dit zijn de quality guidelines van Google:

  • Make pages primarily for users, not for search engines.
  • Don’t deceive your users.
  • Avoid tricks intended to improve search engine rankings. A good rule of thumb is whether you’d feel comfortable explaining what you’ve done to a website that competes with you, or to a Google employee. Another useful test is to ask, “Does this help my users? Would I do this if search engines didn’t exist?”
  • Think about what makes your website unique, valuable, or engaging. Make your website stand out from others in your field.

Google suggereert dat je pagina goed gevonden wordt als je je hieraan houdt. En dat is niet zo.

Een SEO-god plakt een dikke knop in de pagina

“Make pages primarily for users, not for search engines.”

Tja, nou, goh, als je je gebruikers nou met een paar sleutelwoorden naar je pagina hebt gelokt en ze niet echt uitnodigt om al die tekst ook daadwerkelijk te lezen maar gewoon zegt: klik op deze grote groene knop en het komt allemaal goed — dan heb je je pagina toch voor de user gemaakt? De call-to-action is alles. Voor het bedrijf dat het product verkoopt, maar ook voor de gebruiker. En ja, Google, jullie algoritme vindt het goed.

Een SEO-god strooit wel degelijk met keywords

“Avoid tricks intended to improve search engine rankings.”

Van TwitterJa maar dat zeg ik net: het gaat om die grote groene knop. Wie leest nou alle onzintekst als ie direct ziet wat ie moet doen? Dus ja, ik frut de keywords er wel degelijk zo vaak mogelijk in. Toen ik bij een grote bank zat, heb ik een pagina geschreven die heel hoog scoorde op Rekening openen. Ik had die term al een stuk of tien, twaalf keer op de pagina gekregen, en ik wilde ‘m nog één keertje meer, just for the heck of it, en ik schreef zoiets als “blabla uw rekening. Open en eerlijk. Dat is hoe u uw bank kent.” Voor het oog stond daar geen “rekeningen openen”, maar voor Google wel. Scoren als een tiet. Lekker hoor!

Een SEO-god heeft poep aan uniekheid

“Think about what makes your website unique, valuable, or engaging.”

Hallo! Je zit bij een grote bank die concurreert met tien andere banken die allemaal willen dat de gebruiker een rekening opent. Wat heb jij dat anders dan je concurrenten? Ehm, even denken. Niks. Natuurlijk staat er van alles in je mission statement dat je uniek moet maken – maar dat is gelul, bedacht door een bureau dat veel te veel geld heeft gekregen. De gebruiker zoekt op “rekening openen”, niet op “samen bereik je meer dan alleen + rekening openen”. Dus de SEO-god probeert er net een keywordje meer in te krijgen.

Disclaimer: een SEO-god is Extra Groot bij grote bedrijven

Even een disclaimer tussendoor. Ik werk nu een jaar of vijf als freelance webredacteur, en ik heb op de webredacties bij verschillende grote bedrijven gezeten. Schrijf je pagina’s voor grote bedrijven en je scoort je eerste punten als SEO-god. Websites van grote bedrijven zijn net iets waardevoller dan die van kleine – ergens in de kantoren van Google zit een stagiair die die grote bedrijven over het algoritme heen tilt.

(Dat vind ik verder heel logisch en prettig voor mijn werk, dus ik klaag er niet over. Bovendien: ik vind het ook niet storend als zoeker, omdat ik me er zonder nadenken overheen zet. Ik wil iets weten over een bepaald onderwerp, en de eerste hits zijn namen die ik ken. Het zijn bedrijven die een bepaald product verkopen. Maar omdat ik die namen al ken, weet ik wat ze me te bieden hebben, en ik kan ervoor kiezen over die hits heen te scrollen. En wie weet ben ik juist blij die grote namen te zien: ik vertrouw die namen, dus als mijn zoekopdracht om een product gaat en ik weet nu dat zij dat product aanbieden, ben ik snel klaar.)

Deze SEO-god huilt zachtjes

Ik maak geen grappen: ik ben een SEO-god. Ik heb, moet ik tot mijn schaamte bekennen, de grootste mogelijke onzin hoog laten scoren. Aan de ene kant vind ik het een kickje geven, vooral als je je klant blij kan maken. Aan de andere kant moet ik er zachtjes om huilen.

Waardevolle content zou het magische trucje moeten zijn

Ik zou er een stuk armer van worden, maar de wereld wordt een betere plek als Google een algoritme kan bedenken dat zich aan hun eigen quality guidelines kan houden. Waardevolle content.

Het volk heeft (niet) altijd gelijk

Natuurlijk ben ik maar een minkukelig SEO-godje dat ook maar iets piept. Natuurlijk werkt Google al heel lang aan een dergelijk algoritme. Het wereldwijdewebje wordt steeds uitgebreider gewaardeerd (als in: het krijgt punten) door het volk op de social media met Likes en linkjes op Twitter die naarstig worden geretweet. En Google gebruikt die waardering.

Wat echter een risico is van het laten waarderen door social media: grappig wint het eerder van nuttig, drama wint het eerder van gedegen journalistiek. Want zo is het volk.

I have a dream

Daarom heeft deze SEO-god een droom.Deze SEO-god zou het geweldig vinden als een flinke groep Erg Slimme Mensen het hele wereldwijdewebje beoordeelt. Het hele internet krijgt een Plus-één-knop die alleen die slimme mensen zien, en zodra die slimme mensen op die knop hebben geklikt, krijgen ze een invulveldje waarin ze mogen vertellen waarom die pagina zo goed is. Een soort onzichtbare mengvorm van Wikipedia en de vroege Yahoo. En als ik Google, wil ik een boxje naast het zoekveld dat ik aan kan vinken als ik waardevolle content zoek.
Dat laat ik dan altijd aanstaan.
Behalve als ik mijn eigen werk wil controleren.

Want bla bla bla uw rekening. Open en eerlijk. Zo kent u uw eigen SEO-god.

Geen reacties | Link | 1 juli 2013 | Categorie: